Kijk meer met de morele bril van Adam Smith

23/05/2016

In het essay ‘Morele reflectie onontkoombaar na Panama Papers’ (FD 14 mei) schrijft Michiel Goudswaard: ‘Wat juridisch mag wordt steeds vaker gezien als moreel verwerpelijk, constateerde AFM-bestuurder Femke de Vries onlangs. Zij heeft gelijk en dat maakt het leven voor allerlei betrokken op het eerste gezicht niet gemakkelijker. Want waar heb je nog houvast, als je de wetten die voor iedereen gelden niet meer als basis kunt nemen voor je doen en laten?’

Het gewoonweg naleven van de wet is inderdaad niet genoeg. Naast het volgen van wetten en regels moet er nog iets anders gebeuren om je te vergewissen van moreel goed handelen. Goudswaard geeft ons geen antwoord op de vraag wat dat in concrete situaties precies betekent en dat is misschien juist wel het goede antwoord. Want al die situaties vragen om een specifieke afweging.

De Indiase econoom en filosoof Amartya Sen verwijst in zijn boek The Idea of Justice naar het werk van Adam Smith. Die pleit er in zijn boek The Theory of Moral Sentiments voor dat wij ons eigen gedrag onderzoeken zoals een ‘fair and impartial spectator’ dat zou doen.

Smith introduceert hier een reflectieve methode. Hij introduceert de blik van de buitenstaander, die met andere ogen naar een situatie kijkt en nieuwe perspectieven kan openen. En daarbij veel minder beperkt wordt door ‘lokale conventies’, de leidende en vaak impliciete waarden en overtuigingen die in een bepaalde context heersen. Sen wijst erop dat het bij het beantwoorden van de vraag wat in een bepaalde situatie redelijk en rechtvaardig is, nuttig is om te rade te gaan bij mensen die niet dezelfde ervaringen, vooroordelen en overtuigingen hebben.

Deze vorm van reflectie, die nodig is om je een oordeel te vormen over je eigen handelen (en naast het volgen van de wet staat), vraagt ook om bezinning op de vraag hóe je iets doet. Het gaat dus om meer dan het kiezen van de meest effectieve weg voor het behalen van een bepaald doel. De gemakkelijkste uitwerking hiervan kan zijn om letterlijk een buitenstaander aan te laten schuiven in je bedrijf of organisatie. Net zoals dat vaak in tijdens van crisis gebeurt wanneer buitenstaanders worden binnengehaald die buiten het team staan, goed kunnen observeren en feedback geven op de wijze waarop een crisisteam opereert.

Volgens Smith helpt de blik van de onpartijdige waarnemer om ons begrip voor de noden van een ander te vergroten en het medeleven met die ander te stimuleren. Wellicht geeft die blik ons ook in belastingkwesties richting. Want uiteindelijk zullen we zelf de bril van de onpartijdige waarnemer moeten kunnen opzetten en zo onze eigen conventies en keuzes moeten onderzoeken. Daarbij zullen we uit ook uit onze sociale intelligentie moeten putten.

Een andere filosoof, Aristoteles, had hier ook wat over te zeggen. In zijn Ethica Nicomachea onderscheidt hij een aantal verschillende soorten kennis: wetenschappelijke, theoretische kennis (‘sophia’) en praktische wijsheid. De eerste is de algemene en aanwijsbare kennis waarop je je handelen kunt baseren. Zij gaat uit van niet-variabele universele waarheden, bijvoorbeeld wetten. Praktische wijsheid, ook wel ‘phronesis’ genoemd, gaat over specifieke, praktische zaken. Deze vraagt volgens Aristoteles om de reflectie op de vraag waarom het goed is om iets te doen of een bepaald doel te behalen.

Misschien is het juist deze phronesis waar onze maatschappij en organisaties meer van nodig hebben. We hebben de reflectie op ons eigen handelen teveel uitbesteed aan degenen die onze wetten en regels maken. Het is vervolgens wel de vraag of we het aankunnen om zelf te reflecteren op ons eigen handelen. We moeten niet alleen kijken of ons handelen effectief is, maar ook of het wel goed is. Dat vraagt van ons om kritisch te kijken naar de conventies die ons gedrag sturen en dat gedrag zo nodig bij te sturen.

Leiders zullen hierin het goede voorbeeld moeten geven, maar tegelijkertijd zullen wij allemaal zelf ook meer een leider moeten zijn. Want blind opdrachten en regels volgen leidt niet tot een betere wereld.

De Panama Papers zullen waarschijnlijk leiden tot strengere regelgeving, maar Goudswaard schrijft in zijn essay terecht dat dit niet voldoende is. Het bewustzijn dat er morele veranderingen nodig zijn, dringt nog maar heel langzaam door. Zelfs na alle media-aandacht voor exorbitante bonussen, komt het nog steeds voor dat directieleden en raden van bestuur worden beloond op een manier waar de ‘fair impartial spectator’ van Adam Smith een sterk negatief oordeel over zou geven. Ook als alle betrokkenen in hun (wettelijke) recht staan.

Misschien kan de filosofie ons helpen om los te komen van heersende conventies. Het hoe en waarom van ons eigen handelen moet daarbij centraal staan.

Mike Bakker is organisatieadviseur bij House of Performance, ondernemer bij Kohii en schrijver van blogs.

Dit artikel is gepubliceerd in het FD

Het kan beter

Wat kan er volgens jou beter? We vernemen het graag van je!

reCAPTCHA is required.
mike

Over de auteur

Prestaties verbeteren is zoals ondernemen: ontwikkelen van betrokken mensen, loyale klanten en goed rendement. En dat betekent kunnen sleutelen aan leiderschap, gedrag, (big) data, processen, klanttevredenheid en (digitale) innovatie.

Naar Mike Bakker
Geef een reactie hier...

Een reactie op “Kijk meer met de morele bril van Adam Smith”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *